Bijna ontvoerd

‘Het is alweer zeventien jaar geleden dat mijn moeder en ik met het
cruiseschip de Poseidon op reis gingen. De reisbestemming zou Basel
in Zwitserland zijn.
Ondanks het sterke vermoeden dat ik ontvoerd zou kunnen worden,
liet ik mij toch inschepen op het cruiseschip in Arnhem. Het was eind
juni 1997. Zonder veel angst ging ik aan boord. Toch meldde ik aan de
kapitein van het schip over mijn vermoedens. Hij zei: ‘Zoiets hebben
we hier nog nooit meegemaakt’. Ik vertelde hem dat ik op het
reisbureau, waar ik de reis had geboekt, gevolgd was door een
persoon. Dat bevreemde mij namelijk.
De kapitein vertelde wel dat hij dekbewaking had, maar dat het
passagieren voor eigen rekening was. De volgende dag, op een
maandag, voer het schip uit naar Düsseldorf. Die dag klaarde het
weer eindelijk wat op nadat het een week geregend had. Tegen de
avond legde het schip in Düsseldorf aan, daarna begonnen we met

het voortreffelijke diner. Na het eten hadden moeder en ik het plan
om nog even de stad in te gaan. Ik stond op de kade naast de
loopplank van het schip op haar te wachten. Ze moest haar paraplu
nog pakken.
Ineens zag ik in het schemer, ongeveer honderd meter van de
loopplank, aan de linkerkant een zwarte auto staan met zwart getint
glas. Erin zag ik twee mannen zitten en ik bleef als aan de grond
genageld staan. Na ongeveer tien minuten kwam moeder van boord,
gevold door ongeveer tien passagiers die ook een luchtje wilden
scheppen. Doordat er een grote groep mensen van boord ging reed
de auto heel langzaam weg, rakelings langs mij heen. Ik zag de auto
niet meer terug.
Het einddoel van onze reis van Basel, dat ongeveer een week zou
duren. Alles liep verder goed en ik heb die week geen verdachte
personen meer gezien. Toen ik thuis kwam heb ik het hele verhaal
aan mijn gezin en familie verteld.
Twee jaar geleden (2012) hebben twee mannen die er mee te maken
hebben gehad alles aan mij bekend. Dat het de bedoeling was dat ik
voor losgeld ontvoerd had moeten worden. Ik zei tegen de twee
desbetreffende mannen: ‘Ik geef jullie niet aan, maar schrijf er wel
een verhaal over’. Bij deze.
Ik heb toen ook nog gezegd: ‘Wie het zwaard heft, kan door het
zwaard vergaan.’ Een van hen zei: ‘Ik heb geen zwaard bij me.’ Ik zei
daarop: ‘Het is er wel.’
Van dit vervelende avontuur heb ik nog vele nare dromen gehad.
Deze mensen hadden zoveel jaren van mijn leven kunnen stelen,
maar dat is niet gebeurd.’
Mevrouw Hilda Buijs – Greydanus